ECLI:NL:RVS:2019:1632
Raad van State
- Hoger beroep
- W.D.M. van Diepenbeek
- D.J.C. van den Broek
- F.D. van Heijningen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning varkenshouderij wegens milieueffectrapport
Het college van burgemeester en wethouders van Leudal verleende op 2 juni 2015 een omgevingsvergunning voor het veranderen van een pluimveehouderij in een varkenshouderij aan de locatie te Leudal. Na bezwaar en een uitspraak van de rechtbank Limburg, waarin het college werd verweten onvoldoende onderzoek te hebben gedaan naar geurbelasting en de bijzondere gevoeligheid van nabijgelegen longcentrum CIRO+, werd het besluit op bezwaar vernietigd.
Het college nam vervolgens een nieuw besluit op bezwaar van 17 juli 2018, waarin het de vergunning weigerde vanwege belangrijke nadelige milieugevolgen, waaronder geurbelasting en endotoxinen, die een milieueffectrapport vereisen. Zowel appellanten als CIRO+ stelden hoger beroep in tegen eerdere uitspraken.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat het college onvoldoende had gemotiveerd dat geen belangrijke nadelige milieugevolgen zouden optreden, met name ten aanzien van geurbelasting en de bijzondere gevoeligheid van longpatiënten. Het college mocht het nieuwe besluit nemen op basis van een aangepaste geurberekening en het endotoxinekader. De hoger beroepen van appellanten werden ongegrond verklaard en het beroep tegen het nieuwe besluit van 17 juli 2018 werd eveneens afgewezen.
De Afdeling bevestigde daarmee de weigering van de omgevingsvergunning en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en het besluit tot weigering bevestigd.