ECLI:NL:RVS:2019:1714
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. Beek-Gillessen
- D.A.C. Slump
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanvraag extra uren rechtsbijstand in complexe strafzaak afgewezen
De zaak betreft een hoger beroep van de raad voor rechtsbijstand tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam die het besluit van de raad om een aanvraag voor extra uren rechtsbijstand af te wijzen, vernietigde. De aanvraag betrof extra uren voor rechtsbijstand in een strafzaak met meerdere medeverdachten, een omvangrijk dossier en internationale aspecten.
De rechtbank oordeelde dat de raad onvoldoende had gemotiveerd en nagelaten had de aanvraag te toetsen aan het beleid over feitelijke complexiteit, waaronder een beslisboom. De raad stelde dat de aanvraag prematuur was omdat het einddossier nog niet beschikbaar was en de zaak zich nog niet als feitelijk complex had afgetekend.
De Raad van State bevestigt dat de raad beoordelingsruimte heeft en niet verplicht is om navraag te doen bij het Openbaar Ministerie of de Koninklijke Marechaussee. Wel had de raad de aanvraag moeten toetsen aan de beslisboom. De Afdeling stelt echter vast dat de rechtbank de motivering van de raad ten onrechte deels op onjuiste gronden heeft beoordeeld en verklaart het hoger beroep ongegrond.
De uitspraak bevestigt het belang van een zorgvuldige motivering en toetsing aan het beleid, maar benadrukt ook dat de aanvrager de complexiteit aannemelijk moet maken. Er is geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep van de raad voor rechtsbijstand wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.