ECLI:NL:RVS:2019:1748
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving tegen niet-recreatief gebruik recreatiewoning zonder vergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Zuidplas heeft aan appellanten een last onder dwangsom opgelegd om het niet-recreatieve gebruik van hun recreatiewoning te beëindigen, omdat permanente bewoning zonder omgevingsvergunning niet is toegestaan volgens het bestemmingsplan.
Appellanten stelden dat zij de woning slechts tijdelijk en als noodoplossing gebruikten en dat het college onvoldoende bewijs had voor permanente bewoning. De rechtbank oordeelde echter dat het college bevoegd was en dat er sprake was van permanente bewoning, mede gebaseerd op controles en verklaringen van appellanten.
In hoger beroep bevestigde de Raad van State dat het bestemmingsplan geen onderscheid maakt tussen tijdelijk of permanent niet-recreatief gebruik en dat het college bevoegd is om handhavend op te treden. De Afdeling vond geen aanleiding om af te wijken van de rechtbankuitspraak en oordeelde dat het college niet in strijd met het eigen beleid handelde.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de last onder dwangsom blijft van kracht. Er zijn nog geen dwangsommen verbeurd, maar bij voortgezet niet-recreatief gebruik kunnen deze alsnog worden opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de last onder dwangsom tegen niet-recreatief gebruik van de recreatiewoning blijft van kracht.