ECLI:NL:RVS:2019:1894
Raad van State
- Hoger beroep
- S.F.M. Wortmann
- B.P.M. van Ravels
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering omgevingsvergunning huisvesting arbeidsmigranten op bedrijventerrein
Appellant sub 1 vroeg een omgevingsvergunning aan voor het huisvesten van arbeidsmigranten in twee panden op een bedrijventerrein te Hoogkarspel. Omdat het college niet tijdig besliste, werd de vergunning van rechtswege verleend. Het college herroept deze vergunning later en weigert alsnog de omgevingsvergunning vanwege strijd met het bestemmingsplan en het ontbreken van een goed woon- en leefklimaat.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant sub 1 tegen het besluit op naam van appellant sub 2 gegrond, maar wees het beroep tegen het besluit op naam van de gemeente af. Zowel appellant sub 1 als appellant sub 2 gingen in hoger beroep. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat appellant sub 2 wel belanghebbende is, dat de gemeente bezwaar niet-ontvankelijk is wegens procedurefout en dat het college het besluit niet zorgvuldig heeft voorbereid, maar dat dit gebrek niet tot vernietiging leidt omdat geen benadeling is vastgesteld.
De Afdeling bevestigt dat het college terecht de omgevingsvergunning heeft geweigerd op grond van het ontbreken van een goed woon- en leefklimaat en het beperken van bedrijfsuitbreiding. Het beroep van appellant sub 1 en het incidenteel hoger beroep van appellant sub 2 zijn gegrond, de uitspraak van de rechtbank wordt deels vernietigd en deels bevestigd. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellant sub 1.
Uitkomst: Het besluit van de gemeente tot weigering van de omgevingsvergunning wordt vernietigd en het college wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding aan appellant sub 1.