ECLI:NL:RVS:2019:1998
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- C.M. Wissels
- A. Kuijer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van openbaarmaking politiegegevens en documenten onder Wpg en Wob
Appellanten verzochten de korpschef om diverse documenten en politiegegevens op grond van de Wet politiegegevens (Wpg) en de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De korpschef stelde dat een deel van de verzoeken herhaalde aanvragen betrof en dat bepaalde informatie niet bestond. De rechtbank oordeelde dat de Wpg uitsluitend van toepassing is op politiegegevens en niet op documenten waarin deze gegevens zijn vervat, en dat de korpschef onvoldoende had gemotiveerd waarom documenten geheel geweigerd moesten worden. De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten ongegrond en kende een schadevergoeding toe.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt dat het geschil beperkt is tot de stukken die onder de Wpg vallen en dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat de Wob niet van toepassing is op politiegegevens. De korpschef hoefde documenten die politiegegevens bevatten niet te verstrekken, ook niet gedeeltelijk. Appellanten konden niet aannemelijk maken dat er meer documenten waren dan overgelegd. Het verzoek om prejudiciële vragen aan het EHRM werd afgewezen omdat dit niet in deze bestuursrechtelijke procedure thuishoort.
De uitspraak bevestigt het belang van een juiste toepassing van de Wpg en Wob bij verzoeken om informatie van politie en onderstreept dat politiegegevens niet via de Wob kunnen worden opgevraagd. De rechtbank en de Afdeling hebben het dossier volledig en zorgvuldig beoordeeld. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.