ECLI:NL:RVS:2019:2075
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over buiten behandeling stellen asielaanvraag
De staatssecretaris heeft op 12 februari 2019 besloten om de asielaanvraag van de vreemdeling buiten behandeling te stellen. De vreemdeling heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 15 maart 2019 ongegrond verklaarde.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De Afdeling heeft het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en het hoger beroep als kennelijk ongegrond bestempeld.
Een klacht over de digitale ondertekening van de uitspraak van de rechtbank werd door de Afdeling behandeld, maar leidde niet tot vernietiging van die uitspraak omdat de rechter en griffier bevestigden dat de ondertekening correct was en de tekst identiek aan het digitale dossier.
De Raad van State bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten van het hoger beroep aan de vreemdeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.