ECLI:NL:RVS:2019:2431
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Steendijk
- N. Verheij
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen gedoogplichtbesluit voor dijkversterking in Grubbenvorst
Het dagelijks bestuur van Waterschap Limburg heeft op 13 november 2018 een gedoogplicht opgelegd aan appellant in verband met de uitvoering van het projectplan 'Dijkversterking dijkring 67 Grubbenvorst'. Appellant is eigenaar van een perceel waarover een damwand en inspectiestrook moeten worden aangelegd, maar er is geen overeenstemming bereikt over zakelijke rechten en tijdelijke werkstrook, waardoor het projectplan niet kan worden gerealiseerd.
Appellant stelde dat het dagelijks bestuur onvoldoende serieus en redelijk heeft geprobeerd tot minnelijke overeenstemming te komen en dat de financiële gevolgen voor hem onvoldoende zijn meegewogen. De Raad van State oordeelt dat het dagelijks bestuur sinds 2015 regelmatig overleg heeft gevoerd, meerdere aanbiedingen tot schadevergoeding heeft gedaan en dat het gedoogplichtbesluit pas is genomen nadat overleg niet tot overeenstemming leidde.
Verder is geoordeeld dat het dagelijks bestuur niet verplicht was schadevergoeding vooraf te regelen en dat appellant geen aannemelijk heeft gemaakt dat het besluit onherstelbare schade veroorzaakt. Het beroep is daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het gedoogplichtbesluit is ongegrond verklaard.