ECLI:NL:RVS:2019:244
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- E.A. Minderhoud
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Vernietiging omgevingsvergunning woonzorggebouw wegens motiveringsgebrek
Het college van burgemeester en wethouders van Beesel verleende op 31 augustus 2016 een omgevingsvergunning voor de bouw van een woonzorggebouw met 18 inpandige zorgeenheden voor dementerende ouderen, een bedrijfswoning en bijbehorende voorzieningen. Omwonenden, appellanten, stelden beroep in tegen dit besluit wegens onder meer onvoldoende onderbouwing van de actuele regionale behoefte, strijd met het provinciaal omgevingsplan en onvoldoende motivering.
De rechtbank Limburg verklaarde het beroep ongegrond, maar de appellanten stelden hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat het college zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat er een actuele regionale behoefte is, dat het project binnen bestaand stedelijk gebied ligt en dat de parkeer- en verkeersaspecten voldoende zijn onderbouwd. Wel constateerde de Afdeling dat het college het gebrek aan een kenbare motivering over de mogelijkheid tot hergebruik van leegstaande monumentale gebouwen niet had weggenomen, waardoor het besluit vernietigd moest worden.
De Afdeling vernietigde het besluit van 31 augustus 2016 en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond en bepaalde dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven. Tevens veroordeelde zij het college tot vergoeding van proceskosten aan de appellanten. De overige bezwaren van appellanten werden verworpen omdat zij onvoldoende concrete aanknopingspunten boden om de motivering van het college te betwisten.
Uitkomst: Het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning wordt vernietigd vanwege een motiveringsgebrek, met instandhouding van de rechtsgevolgen en veroordeling tot proceskostenvergoeding.