ECLI:NL:RVS:2019:2650
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning kamerverhuur ondanks strijd met bestemmingsplan en beleidsregels
Het college van burgemeester en wethouders van Maastricht verleende op 24 januari 2017 een omgevingsvergunning voor kamerverhuur van vijf onzelfstandige wooneenheden op een perceel in Maastricht, in strijd met het bestemmingsplan. De vergunning werd aangevochten door een omwonende ([appellant]). Na bezwaar en een uitspraak van de rechtbank Limburg die het besluit van het college deels vernietigde, werd hoger beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog dat de aanvraag moest worden getoetst aan het beleid van 2015, omdat deze vóór het inwerkingtreden van het nieuwere beleid was ingediend. Hoewel de fietsvoorziening in strijd was met het beleid, mocht het college maatwerk toepassen gezien de praktische bruikbaarheid van de inpandige fietsenstalling en het gebruik van vouwfietsen. De rechtbank had dit oordeel terecht bevestigd.
Verder oordeelde de Afdeling dat het college een zorgvuldige belangenafweging had gemaakt, waarbij de mogelijke overlast van kamerverhuur was meegewogen en beheersmaatregelen waren getroffen. De rechtbank had terecht de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand gelaten. Ook het bezwaar dat de voorzieningenrechter te snel in de hoofdzaak had beslist, werd verworpen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.