ECLI:NL:RVS:2019:2751
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- E.A. Minderhoud
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit college over handhaving recreatief gebruik percelen Garderen
Appellant verzocht het college van burgemeester en wethouders van Barneveld om handhavend op te treden tegen het gebruik van percelen te Garderen en de aanwezige bouwwerken. Het college wees dit verzoek aanvankelijk af, maar herzag dit besluit deels en legde een last onder dwangsom op aan de eigenaar/gebruiker van de percelen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de rechtbank appellant ten onrechte niet in de gelegenheid heeft gesteld zijn beroep te motiveren binnen een nadere termijn, omdat het besluit op bezwaar uit twee samenhangende besluiten bestond. Tevens is geoordeeld dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het recreatieve gebruik van de percelen onder het gebruiksovergangsrecht valt, terwijl er aanwijzingen zijn dat het gebruik is geïntensiveerd door nieuwe bouwwerken na de peildatum.
Daarom wordt het hoger beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het college teruggewezen om een nieuw besluit te nemen met een juiste motivering. Tevens is bepaald dat tegen het nieuwe besluit alleen bij de Afdeling beroep kan worden ingesteld. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank en besluiten van het college vernietigd, en het college veroordeeld tot het nemen van een nieuw besluit met vergoeding van proceskosten.