ECLI:NL:RVS:2019:3253
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering openbaarmaking namen medewerkers in Wob-verzoek door gemeente Veere
Het college van burgemeester en wethouders van Veere weigerde in een Wob-verzoek de namen van medewerkers die niet uit hoofde van hun functie openbaar treden en aan wie geen mandaat is verleend, openbaar te maken. De rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelde aanvankelijk dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom deze namen werden geweigerd, maar na nadere motivering stelde de rechtbank het college in het gelijk.
Appellant stelde in hoger beroep dat het college onjuist had gemotiveerd en dat openbaarmaking noodzakelijk was ter controle op de integriteit van besluitvorming. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat het privacybelang van medewerkers zwaarder weegt dan het belang van openbaarheid, tenzij appellant aannemelijk maakt dat openbaarheid in een concreet geval zwaarder weegt.
De Afdeling volgde de rechtbank en verwierp het beroep van appellant. Zij bevestigde dat het college de weigering tot openbaarmaking terecht heeft gehandhaafd, mede omdat voldoende informatie openbaar is gemaakt om controle op besluitvorming mogelijk te maken. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dat het college terecht de namen van medewerkers die niet uit hoofde van hun functie openbaar treden, heeft geweigerd.