ECLI:NL:RVS:2019:3361
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar opvang vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bood de vreemdeling onderdak aan in een vrijheidsbeperkende locatie te Ter Apel en verwees haar naar de gemeente Amsterdam voor een beschermde woonplek. De vreemdeling maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door de staatssecretaris niet-ontvankelijk werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit op bezwaar moest nemen.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris niet onterecht het aanbod van onderdak in de vrijheidsbeperkende locatie had gedaan. De rechtbank had echter terecht geoordeeld dat de niet-ontvankelijkverklaring onjuist was, omdat de reactie van de staatssecretaris op het verzoek van de vreemdeling een rechtens relevante handeling was.
De Raad van State vernietigde de uitspraak van de rechtbank voor zover deze niet had bepaald dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand bleven en dat de staatssecretaris een nieuw besluit moest nemen. De rechtsgevolgen van het besluit van 4 oktober 2018 blijven volledig in stand. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard en de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit blijven in stand.