ECLI:NL:RVS:2019:3519
Raad van State
- Hoger beroep
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning voor vergroting waterpartij en aanleg paden in agrarisch gebied Oss
Het college van burgemeester en wethouders van Oss weigerde op 18 juli 2017 een omgevingsvergunning aan appellant voor het verruimen van een waterpartij en het aanleggen van paden op zijn perceel in Oss. Appellant gebruikte het perceel als tuin met een waterpartij en bijgebouwen, maar het college stelde dat dit in strijd was met de agrarische bestemming en handhaafde dit besluit na bezwaar. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de waterpartij door zijn inrichting, omvang en uitstraling niet past binnen de agrarische bestemming van het perceel, die gericht is op agrarisch gebruik en behoud van de openheid van het komgebied. Het college had terecht geoordeeld dat de waterpartij en paden een onevenredige afbreuk doen aan de waarden en functies die het bestemmingsplan beoogt te beschermen. De ecologische waarde van de waterpartij doet hieraan niet af.
Verder stelde appellant dat het college onvoldoende had onderzocht of aan de vergunning voorwaarden konden worden verbonden, maar de Afdeling oordeelde dat de relevante planregel (artikel 30.3 onder a) hier niet op ziet. De Afdeling bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de omgevingsvergunning bevestigd.