ECLI:NL:RVS:2019:3569
Raad van State
- Hoger beroep
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit tegen gebruik tuin en bijgebouwen in strijd met bestemmingsplan Oss
Het college van burgemeester en wethouders van Oss heeft appellant gelast het gebruik van een perceel als tuin te beëindigen en de zonder omgevingsvergunning gebouwde bijgebouwen te verwijderen, omdat dit in strijd is met het bestemmingsplan "Buitengebied Oss 2010". Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in bij de rechtbank, die het beroep ongegrond verklaarde. In hoger beroep bij de Raad van State betoogde appellant onder meer dat er sprake was van concreet zicht op legalisering en dat het college in strijd met het gelijkheidsbeginsel handelde.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het gebruik van de gronden als tuin strijdig is met de agrarische bestemming en dat het college bevoegd was handhavend op te treden. Er was geen concreet zicht op legalisering, mede omdat het college geen omgevingsvergunning wilde verlenen. Ook het betoog over het gelijkheidsbeginsel faalde, aangezien vergelijkbare situaties niet waren aangetoond of pas in hoger beroep waren ingebracht.
Verder werd geoordeeld dat de bijgebouwen niet omgevingsvergunningvrij zijn omdat het perceelsgedeelte waarop zij staan een agrarische bestemming heeft en niet als erf in de zin van het Besluit omgevingsrecht kan worden aangemerkt. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank bevestigd en de besluiten van het college geschorst voor twee maanden na verzending van deze uitspraak.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit bevestigd met een schorsing van twee maanden als voorlopige voorziening.