ECLI:NL:RVS:2019:3570
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- G.M.H. Hoogvliet
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boetes wegens onttrekking woning aan bewoning door vakantieverhuur aan meer dan vier personen
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde op 7 juli 2017 aan appellant A en appellant B afzonderlijk een bestuurlijke boete van €13.500 op wegens het zonder vergunning onttrekken van een woning aan de bestemming tot bewoning. Dit gebeurde omdat het appartement werd verhuurd aan zes toeristen, terwijl het beleid vakantieverhuur aan maximaal vier personen toestond.
Appellanten voerden aan dat de woning slechts incidenteel in weekenden aan toeristen werd verhuurd en dat de boetes onterecht waren. Ook betwistten zij de rechtmatigheid van het onderzoek en stelden zij dat het beleid in strijd was met artikel 8 EVRM Pro. De rechtbank wees het beroep en het verzoek om schadevergoeding af, waarna appellanten hoger beroep instelden.
De Raad voor de Rechtspraak oordeelt dat verhuur aan toeristen, ook incidenteel, leidt tot onttrekking aan de bestemming tot bewoning, ook als een van de appellanten er zijn hoofdverblijf had. Het college mocht handhavend optreden omdat niet aan de voorwaarde van maximaal vier personen werd voldaan. Het onderzoek was voldoende zorgvuldig en het beroep op artikel 8 EVRM Pro faalt omdat dit belang niet aan appellanten toekomt. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de boetes bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de boetes van €13.500 per appellant worden bevestigd.