ECLI:NL:RVS:2019:3616
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake niet in behandeling nemen aanvraag verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 4 januari 2019 besloten een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De rechtbank verklaarde het hiertegen ingestelde beroep op 12 februari 2019 ongegrond. De vreemdeling stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling heeft de door de vreemdeling aangevoerde bezwaren onderzocht, waaronder de digitale ondertekening en openbaarmaking van de uitspraak van de rechtbank. Deze klachten werden als terecht erkend, maar leidden niet tot vernietiging van de uitspraak, omdat de ondertekening wel degelijk had plaatsgevonden en de tekst identiek was aan die in het digitale dossier.
Verder aangevoerde grieven van de vreemdeling werden niet inhoudelijk behandeld omdat deze geen vragen bevatten die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming in algemene zin. De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.