ECLI:NL:RVS:2019:4076
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- H.C.P. Venema
- H.J.M. Baldinger
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning opslagruimte Sintels te Breda na geschil over belanghebbendheid
Het college van burgemeester en wethouders van Breda verleende op 21 september 2017 een omgevingsvergunning aan Sintels voor de bouw van een opslagruimte op het perceel Rijsbergseweg 590 te Breda. Diverse partijen, waaronder twee omwonenden en Natuur- en milieuvereniging Markkant, maakten bezwaar tegen dit besluit. Het college verklaarde de bezwaren van de omwonenden niet-ontvankelijk omdat zij geen belanghebbenden zouden zijn.
De rechtbank oordeelde dat de omwonenden geen belanghebbenden zijn, maar dat Markkant dit wel is. Het college en Sintels gingen tegen deze uitspraak in hoger beroep, evenals de omwonenden. De Raad van State heeft in haar uitspraak van 4 december 2019 het oordeel van de rechtbank bevestigd. De Raad overwoog dat de omwonenden onvoldoende directe gevolgen ondervinden van de opslagruimte vanwege de afstand en ruimtelijke uitstraling, terwijl Markkant als milieuvereniging met een duidelijke statutaire doelstelling en feitelijke werkzaamheden wel een rechtstreeks belang heeft bij het besluit.
Verder behandelde de Raad de proceskosten en bepaalde dat het college deze aan Markkant moet vergoeden. Ook werd de termijn voor het nemen van een nieuw besluit op het bezwaar van Markkant bevestigd. De Raad verwierp de overige bezwaren en verklaarde de hoger beroepen ongegrond, waarmee de aangevallen uitspraak werd bekrachtigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat Natuur- en milieuvereniging Markkant belanghebbende is en veroordeelt het college tot vergoeding van haar proceskosten.