Uitspraak
Datum uitspraak: 18 december 2019
BESTUURSRECHTSPRAAK
voorzitter griffier
Raad van State
De raad van de gemeente Alphen aan den Rijn stelde op 22 februari 2018 het bestemmingsplan "Alphen Stad" vast, dat de kern van Alphen aan den Rijn betreft exclusief bedrijventerreinen. Het plan legt de bestaande situatie vast met flexibele bestemmingen en regels. Op 28 maart 2019 werd het plan gewijzigd vastgesteld om omissies te herstellen, zoals verkeerde bouwhoogtes en ontbrekende planregels.
Diverse bewoners uit Alphen aan den Rijn, waaronder appellanten die wonen aan specifieke locaties zoals de Brittenruststraat en de Zegerplas, stelden beroepen in tegen delen van het plan. Zij maakten bezwaar tegen bouwvlakken, het toestaan van evenementen en beperkingen op hun percelen. De Raad van State beoordeelde onder meer de rechtmatigheid van de bouwvlakken in het Rode Dorp, de evenementenregeling rondom de Zegerplas en de beperking van bebouwingsmogelijkheden op bepaalde percelen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat enkele beroepen niet-ontvankelijk zijn wegens gebrek aan belang, andere beroepen ongegrond zijn. Wel constateerde de Afdeling dat het plan onzorgvuldig is voorbereid waar het gaat om de evenementenregeling op de Zegerplas, omdat het plan onduidelijkheid laat over het aantal toegestane evenementen en de maximale geluidsbelasting afhankelijk maakt van beleidsregels zonder juiste verwijzing. Daarnaast is onvoldoende gemotiveerd waarom bebouwingsmogelijkheden op bepaalde percelen zijn beperkt ten opzichte van het vorige plan.
De Afdeling draagt de raad op binnen 16 weken de gebreken te herstellen door het plan aan te passen, onder meer door evenementen op de Zegerplas uit te sluiten en duidelijkere regels omtrent geluidsbelasting op te nemen. De raad moet de uitkomst mede delen aan de Afdeling en betrokken partijen. Proceskostenveroordelingen zijn niet opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State draagt de raad op binnen 16 weken de gebreken in het bestemmingsplan te herstellen en deelt de uitkomst mee.