ECLI:NL:RVS:2019:537
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke uitspraak over tracébesluit Extra Sneltrein Groningen-Leeuwarden met bezwaren omwonenden
Bij besluit van 16 november 2017 stelde de staatssecretaris het tracébesluit Extra Sneltrein Groningen-Leeuwarden vast, gericht op het verbeteren van de spoorverbinding door inzet van extra en langere treinen, spoorverdubbeling en verlenging van perrons.
Diverse appellanten, waaronder omwonenden en ondernemers, voerden beroep aan tegen het besluit, met bezwaren over procedurele ontvankelijkheid, toepasselijkheid van de Crisis- en herstelwet, nut en noodzaak, alternatieven, ontwerpkeuzes, trilling- en geluidhinder.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het beroep van erven van appellant sub 1 niet-ontvankelijk is wegens het niet tijdig indienen van zienswijzen zonder geldige reden. De toepasselijkheid van de Crisis- en herstelwet werd bevestigd. Bezwaren over het ontbreken van een structuurvisie, onvoldoende onderzoek naar alternatieven en nut en noodzaak werden verworpen omdat het tracébesluit en MER voldoen aan wettelijke vereisten en prognoses representatief zijn.
Inhoudelijke bezwaren over ontwerpkeuzes, zoals perronverlenging, taludaanpassing en verkeersveiligheid, werden niet gegrond verklaard. Onderzoeken naar trillingen en geluidhinder voldeden aan de normen; maatregelen zoals raildempers en geluidproductieplafonds zijn passend. Klachten over laagfrequent geluid werden eveneens afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
De Afdeling concludeerde dat het tracébesluit zorgvuldig tot stand is gekomen, de belangen van appellanten voldoende zijn betrokken en dat het besluit in stand kan blijven.
Uitkomst: Het beroep tegen het tracébesluit Extra Sneltrein Groningen-Leeuwarden wordt afgewezen, behalve het beroep van erven van appellant sub 1 dat niet-ontvankelijk wordt verklaard.