ECLI:NL:RVS:2019:583
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- J.J. van Eck
- D.A. Verburg
- Rechtspraak.nl
Vaststelling dat asielaanvragen Oekraïense vreemdelingen ongegrond zijn
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 18 juni 2016 de asielaanvragen van drie Oekraïense vreemdelingen af en weigerde tevens een verblijfsvergunning regulier voor een van hen. De rechtbank verklaarde deze beroepen gegrond en vernietigde de besluiten, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de staatssecretaris de besluiten zorgvuldig had voorbereid en gemotiveerd, met name over de twijfel aan de authenticiteit en inhoud van de door de vreemdelingen overgelegde documenten. De rechtbank had ten onrechte geoordeeld dat de motivering ondeugdelijk was. Diverse bezwaren van de vreemdelingen, zoals over nieuwsberichten, werkzaamheden voor een geheim project en de veiligheidssituatie in Donetsk, werden verworpen.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde de beroepen ongegrond, waarmee de afwijzing van de asielaanvragen stand hield. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen van de vreemdelingen worden ongegrond verklaard en de afwijzing van hun asielaanvragen blijft in stand.