ECLI:NL:RVS:2019:846
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over tijdige beslissing asielaanvragen vreemdelingen
De vreemdelingen hadden beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een beslissing door de staatssecretaris op hun asielaanvragen. De rechtbank verklaarde deze beroepen ongegrond bij mondelinge uitspraak van 11 november 2016. De vreemdelingen stelden hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Tijdens de procedure werden prejudiciële vragen gesteld aan het Hof van Justitie van de Europese Unie, die in november 2018 werden beantwoord. Op basis van deze antwoorden en eerdere jurisprudentie concludeerde de Afdeling dat Nederland vanaf 5 april 2016 verantwoordelijk werd voor de behandeling van de asielaanvragen. De beslistermijn was met negen maanden verlengd, waardoor de staatssecretaris uiterlijk op 5 juli 2017 een besluit moest nemen.
Omdat de staatssecretaris vóór die datum beslissingen had genomen, was de beslistermijn niet overschreden. De overige aangevoerde argumenten konden niet leiden tot vernietiging van de uitspraak. De Afdeling verklaarde het hoger beroep kennelijk ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.