ECLI:NL:RVS:2019:862
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- F.D. van Heijningen
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering omgevingsvergunning yurt op Texel wegens niet-ontvankelijkheid bezwaren
Appellanten exploiteren een Ayurvedisch en yogacentrum op een perceel te Texel en vroegen een omgevingsvergunning aan voor een yurt. Het college stelde aanvankelijk dat de vergunning van rechtswege was verleend, maar herroept dit besluit later en weigert alsnog de vergunning na bezwaren van omwonenden en een vereniging die stelden dat de yurt niet landschappelijk inpasbaar was en overlast veroorzaakte.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten tegen de weigering ongegrond. Appellanten gingen in hoger beroep. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat er geen omgevingsvergunning van rechtswege is verleend en dus geen besluit bestond waartegen bezwaar kon worden gemaakt. Hierdoor zijn de bezwaren van omwonenden en de vereniging niet-ontvankelijk.
De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college, verklaart het beroep gegrond en bepaalt dat er geen omgevingsvergunning is verleend. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellanten.
Uitkomst: Het besluit van het college tot weigering van de omgevingsvergunning wordt vernietigd en de bezwaren van omwonenden worden niet-ontvankelijk verklaard.