ECLI:NL:RVS:2020:1504
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake vrijheidsontnemende maatregel vreemdeling
Bij besluit van 21 november 2019 is aan een vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd. De vreemdeling stelde beroep in tegen dit besluit bij de rechtbank Den Haag, die op 17 december 2019 het beroep gegrond verklaarde en schadevergoeding toekende wegens onvoldoende voortvarendheid in de behandeling van de asielaanvraag.
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Raad oordeelde dat de rechtbank ten onrechte de voortgang van de asielaanvraag in haar beoordeling had betrokken, omdat klachten over de asielprocedure niet in een procedure over een vrijheidsontnemende maatregel thuishoren.
De Raad vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep van de vreemdeling alsnog ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.