ECLI:NL:RVS:2020:1516
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking keuringsbevoegdheid APK wegens overschrijding cusumstand en onevenredigheid sanctie
De RDW trok op 14 augustus 2018 de keuringsbevoegdheid van [wederpartij] voor APK-keuringen van voertuigen tot 3500 kg voor twaalf weken in wegens overschrijding van de maximale cusumstand van 10 punten. Deze sanctie werd gehandhaafd na bezwaar en door de rechtbank vernietigd wegens onvoldoende motivering en onvoldoende afweging van de specifieke omstandigheden van [wederpartij].
De RDW ging in hoger beroep, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de RDW onvoldoende rekening had gehouden met de financiële afhankelijkheid van [wederpartij] van APK-keuringen en haar beperkte mogelijkheden om een vervangende keurmeester in te huren. De Afdeling stelde vast dat de intrekking van twaalf weken onevenredig was in verhouding tot het doel van het toezichtbeleid.
De Afdeling vernietigde het besluit van 24 januari 2020 en herroept het oorspronkelijke besluit voor zover het de duur van twaalf weken betreft. De duur van de intrekking werd vastgesteld op negen weken, waarmee het geschil definitief werd beslecht. De Afdeling benadrukte dat de RDW bij sanctiebepaling alle relevante omstandigheden moet betrekken, waaronder de bedrijfseconomische gevolgen voor de keurmeester.
Uitkomst: De intrekking van de keuringsbevoegdheid wordt bevestigd maar de duur wordt verminderd van twaalf naar negen weken wegens onevenredige financiële gevolgen.