ECLI:NL:RVS:2020:158
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- A.W.M. Bijloos
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing van afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende medisch onderzoek
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 22 augustus 2019 de aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank Den Haag verklaarde deze beroepen gegrond, vernietigde de besluiten en beval nieuwe besluitvorming. De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
Centrale discussie betrof een rapport van het instituut voor Mensenrechten en Medisch Onderzoek (iMMO) over de psychische klachten en littekens van een van de vreemdelingen. De rechtbank had geoordeeld dat dit rapport een sterke aanwijzing vormde voor onmenselijke behandeling, wat de staatssecretaris betwistte. De Afdeling stelde vast dat het iMMO-rapport onvoldoende onderbouwing bood voor deze conclusie en dat de rechtbank ten onrechte het rapport als sterke aanwijzing had aangemerkt.
Daarnaast oordeelde de Afdeling dat de staatssecretaris terecht de landeninformatie over Soedan had betrokken bij zijn besluitvorming, in tegenstelling tot het oordeel van de rechtbank. Het voorwaardelijk incidenteel hoger beroep van de vreemdelingen werd ongegrond verklaard.
De Afdeling vernietigde het vonnis van de rechtbank en verwees de zaak terug voor herbeoordeling, waarbij het oordeel van de Afdeling in acht moet worden genomen. De staatssecretaris is niet veroordeeld tot proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor herbehandeling.