ECLI:NL:RVS:2020:1964
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- E. Steendijk
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake niet in behandeling nemen verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam een aanvraag om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling. De vreemdeling stelde beroep in, dat aanvankelijk niet-ontvankelijk werd verklaard, maar later door de rechtbank gegrond werd verklaard, waarna het besluit werd vernietigd en een nieuw besluit werd bevolen.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verklaarde zich onbevoegd om kennis te nemen van het hoger beroep tegen het verzet, maar oordeelde dat het hoger beroep tegen de uitspraak op het beroep gegrond was. De Afdeling vernietigde het oordeel van de rechtbank dat het beroep gegrond was en verklaarde het beroep ongegrond.
De Afdeling overwoog dat de rechtbank terecht met toepassing van artikel 8:55, tiende lid, Awb uitspraak deed op het beroep zonder nader onderzoek, omdat de nieuwe informatie geen relevante nieuwe gegevens zou opleveren. Tevens werd geoordeeld dat de overdracht van de vreemdeling aan Italië niet in strijd was met artikel 3 EVRM Pro, conform eerdere jurisprudentie. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en het beroep wordt ongegrond verklaard.