ECLI:NL:RVS:2020:2095
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor realisatie appartementen en dakterrassen ondanks bezwaar omwonende
Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht verleende op 5 november 2018 een omgevingsvergunning aan Stichting OvV Beheer voor de verbouwing van een bovenwoning aan de Twijnstraat 18 te Utrecht, waarbij twee appartementen en twee dakterrassen werden gerealiseerd. Een omwonende, appellante, stelde hinder te ondervinden van het gebruik van het dakterras en maakte bezwaar tegen de vergunning.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarna zij hoger beroep instelde bij de Raad van State. Appellante voerde onder meer aan dat de vergunning niet had mogen worden verleend vanwege strijd met het bestemmingsplan, gemeentelijk beleid en privaatrechtelijke belemmeringen, waaronder aantasting van privacy.
De Raad van State oordeelde dat nieuwe gronden die appellante in hoger beroep aanvoerde buiten beschouwing blijven omdat zij deze niet eerder had ingebracht. De afwijkingen van het bestemmingsplan werden als ondergeschikt en acceptabel beoordeeld op basis van een stedenbouwkundig advies. De eis van minimale gebruiksoppervlakte voor woningvorming werd geacht te zijn voldaan. Een evidente privaatrechtelijke belemmering werd niet vastgesteld, mede omdat het zicht vanaf het dakterras op de woning van appellante beperkt is en een hekwerk aanwezig is.
De Raad van State bevestigde daarmee het oordeel van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Tevens werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling ten gunste van appellante.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning wordt bevestigd.