ECLI:NL:RVS:2020:2099
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- N. Verheij
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming indirecte planschade door planologische wijziging in Simpelveld
Appellant, eigenaar en exploitant van een snackbar in Simpelveld, verzocht het college om tegemoetkoming in planschade vanwege waardevermindering en inkomensderving door de vestiging van een mortuarium op een nabijgelegen perceel. Het college wees de aanvraag aanvankelijk af, maar kende later een vergoeding toe voor directe planschade. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen de weigering van vergoeding voor indirecte planschade ongegrond.
De Afdeling bestuursrechtspraak toetste het besluit aan het toetsingskader voor planschade en concludeerde dat de planologische vergelijking tussen het oude en nieuwe bestemmingsplan zorgvuldig was uitgevoerd. De voordelen van het nieuwe plan, zoals een verruiming van gebruiksmogelijkheden en een afname van bouwhoogte, compenseerden deels de nadelen zoals toegenomen parkeerdruk. Subjectieve elementen, zoals de negatieve gevoelswaarde van het mortuarium, zijn niet relevant.
De Afdeling oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de waardevermindering en inkomensderving het gevolg zijn van de planologische wijziging. Rapporten van deskundigen en eerdere jurisprudentie ondersteunen het standpunt dat de parkeerdruk geen onaanvaardbare hinder veroorzaakt en dat omzetdalingen niet rechtstreeks aan het bestemmingsplan zijn toe te rekenen.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd; appellant krijgt geen tegemoetkoming in indirecte planschade toegekend.