ECLI:NL:RVS:2020:2145
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J. van Eck
- H. Troostwijk
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing van afwijzing verblijfsdocument gemeenschapsonderdaan
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 21 januari 2019 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsdocument als gemeenschapsonderdaan af. De vreemdeling maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze afwijzing. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond op 13 februari 2020. De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling constateerde dat de identiteit en nationaliteit van de vreemdeling nog onderwerp van geschil zijn in een lopende asielprocedure, die verband houdt met een eerdere afwijzing van een verblijfsvergunning asiel. De rechtbank had ten onrechte geoordeeld dat de vreemdeling haar identiteit en nationaliteit niet had aangetoond, terwijl deze kwesties nog in procedure waren.
Daarom verklaarde de Afdeling het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en wees de zaak terug aan de rechtbank. De Afdeling gaf aan dat het voor de hand ligt dat de rechtbank de verblijfsprocedure en de asielprocedure in onderlinge samenhang behandelt. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €525,00.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor verdere behandeling.