ECLI:NL:RVS:2020:2438
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek tegen gebruik Anatomiegebouw Utrecht
Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht wees het verzoek van appellant om handhavend op te treden tegen het gebruik van het Anatomiegebouw door AST Beheer B.V. af. Appellant betoogde dat het gebruik voor nascholing, congressen, symposia en horeca in strijd was met de beheersverordening vanwege onder meer parkeerproblemen en onrechtmatig horecagebruik.
De rechtbank oordeelde dat het gebruik in overeenstemming was met de beheersverordening, waarbij onderwijsactiviteiten breed werden geïnterpreteerd en additionele horeca als ondergeschikt aan de hoofdfunctie werd beschouwd. Appellant stelde dat het gebouw ook voor andere doeleinden werd gebruikt, waaronder filmopnames en privé-etentjes, maar kon dit niet concreet onderbouwen.
De Raad van State bevestigt dat het gebruik van het gebouw voor onderwijs en horeca voldoet aan de regels van de beheersverordening, dat het restaurant qua oppervlakte onder de toegestane 30% blijft en dat het gebruik commercieel mag zijn zolang het past binnen de toegestane functies. Ook is geen sprake van een dreigende overtreding of noodzaak tot een nieuwe parkeerbalans. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.