ECLI:NL:RVS:2020:251
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J. van Eck
- R.J.J.M. Pans
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit rijksarchivaris inzake weigering raadpleging persoonsdossiers Rijksvreemdelingendienst
Appellante verzocht de rijksarchivaris om toegang tot persoonsdossiers van de Rijksvreemdelingendienst voor wetenschappelijk onderzoek naar de deportatie van Joden in Nederland tussen 1945-1950. De rijksarchivaris wees het verzoek af omdat appellante geen bewijs van overlijden of toestemming van betrokkenen had overlegd en onvoldoende had aangetoond dat het verkrijgen daarvan een onevenredige inspanning zou zijn.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de rechtbank ten onrechte niet had getoetst aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) die sinds 25 mei 2018 van toepassing is. De Afdeling oordeelde dat appellante onvoldoende had aangetoond dat het vragen van toestemming onmogelijk of onevenredig was, en dat zij onvoldoende pogingen had gedaan om bewijs van overlijden te verkrijgen.
Verder was er geen sprake van een formeel besluit dat appellante gerechtigd maakte tot raadpleging zonder toestemming of bewijs. De Afdeling vernietigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Appellante kreeg tevens vergoeding van griffierecht toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en het besluit van de rijksarchivaris tot weigering van raadpleging is vernietigd.