ECLI:NL:RVS:2020:2511

Raad van State

Datum uitspraak
27 oktober 2020
Publicatiedatum
27 oktober 2020
Zaaknummer
202002915/2/A3
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Toewijzend
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2:74 Algemene Plaatselijke Verordening gemeente WoerdenArt. 8:29 AwbWet politiegegevens
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beoordeling verzoek beperkte kennisneming vertrouwelijke bestuurlijke rapportage

In deze zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen een last onder dwangsom opgelegd door de burgemeester van Woerden wegens overtreding van de Algemene Plaatselijke Verordening. De burgemeester overhandigde een vertrouwelijke bestuurlijke rapportage waarvan twee passages waren weggelakt omdat deze informatie bevatten die direct herleidbaar is tot een derde persoon en kwalificeert als politiegegeven.

De Afdeling bestuursrechtspraak heeft op grond van artikel 8:29, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht een belangenafweging gemaakt tussen het belang van partijen om over alle relevante informatie te beschikken en het belang van geheimhouding van privacygevoelige gegevens. Gelet op de aard van de passages en de bijzondere geheimhoudingsregeling die op politiegegevens van toepassing is, acht de Afdeling gewichtige redenen aanwezig om de kennisneming door partijen te beperken.

De Afdeling concludeert dat het verzoek tot beperkte kennisneming gerechtvaardigd is, mede omdat de burgemeester de rapportage met uitzondering van de gevoelige passages aan appellant heeft verstrekt. Het verzoek wordt daarom toegewezen en de kennisneming van de vertrouwelijke passages blijft beperkt tot de Afdeling.

Uitkomst: Verzoek tot beperkte kennisneming van vertrouwelijke passages in bestuurlijke rapportage wordt toegewezen.

Uitspraak

202002915/2/A3.
Datum beslissing: 27 oktober 2020
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Beslissing op grond van artikel 8:29, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht in het hoger beroep van:
[appellant], wonend te Woerden,
tegen de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 2 april 2020 in zaak nr. 19/3116 in het geding tussen:
[appellant]
en
de burgemeester van Woerden.
Procesverloop
[appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 2 april 2020 in zaak nr. 19/3116. Het gaat in die zaak om een aan [appellant] opgelegde last onder dwangsom ter voorkoming van overtreding van artikel 2:74 van Pro de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Woerden.
De burgemeester heeft de vertrouwelijke versie van een bestuurlijke rapportage van 19 december 2018 overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van deze stukken.
Overwegingen
1.    De burgemeester heeft de Afdeling wegens het bestaan van gewichtige redenen verzocht te bepalen dat alleen de Afdeling van de vertrouwelijke versie van de bestuurlijke rapportage kennis zal nemen. In de aan [appellant] verstrekte versie van de bestuurlijke rapportage zijn twee passages weggelakt met informatie die herleidbaar is naar een persoon.
2.    Gelet op artikel 8:29, derde lid, van de Awb beslist de Afdeling of de beperking van de kennisneming van een stuk gerechtvaardigd is. Deze beslissing vergt een afweging van belangen. Enerzijds speelt hierbij het belang dat partijen gelijkelijk beschikken over de voor het (hoger) beroep relevante informatie. Daartegenover staat dat de kennisneming door partijen van bepaalde gegevens het algemeen belang, het belang van één of meer partijen en/of het belang van derden onevenredig kan schaden.
3.    De Afdeling heeft kennis genomen van de vertrouwelijke versie van de bestuurlijke rapportage. Zij stelt vast dat de twee passages informatie bevatten die direct herleidbaar is tot een derde persoon. Er is sprake van een politiegegeven in de zin van de Wet politiegegevens. De enkele omstandigheid dat daarvoor een bijzondere geheimhoudingsregeling geldt, betekent nog niet dat sprake is van gewichtige redenen. Er komt bij de beoordeling van het verzoek wel gewicht toe aan het uit de desbetreffende wettelijke bijzondere geheimhoudingsregeling blijkend belang bij geheimhouding. (Vergelijk de  uitspraak van de Afdeling van 10 juni 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1367).
De Afdeling acht in dit geval ten aanzien van de twee passages, gelet op de aard en inhoud daarvan, gewichtige redenen aanwezig als bedoeld in artikel 8:29 van Pro de Awb. Daarbij neemt de Afdeling in aanmerking dat de burgemeester de rapportage met uitzondering van de twee desbetreffende passages aan [appellant] heeft verstrekt.
4.    De Afdeling acht daarom het verzoek tot beperkte kennisneming gerechtvaardigd.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek toe.
Aldus vastgesteld door mr. A.W.M. Bijloos, lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer, in tegenwoordigheid van mr. B. Ley-Nell, griffier.
Het lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer is verhinderd de uitspraak te ondertekenen.
De griffier is verhinderd de uitspraak te ondertekenen.
Uitgesproken in het openbaar op 27 oktober 2020