ECLI:NL:RVS:2020:3125
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting en voor opvang in asielprocedure
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 9 september 2020 de aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdelingen stelden beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 27 november 2020 de beroepen ongegrond verklaarde. Hiertegen werd hoger beroep ingesteld bij de Raad van State.
De vreemdelingen verzochten de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om een voorlopige voorziening die voorkomt dat zij worden uitgezet voordat het hoger beroep is beslist, en om opvang en verstrekkingen.
De voorzieningenrechter besloot op 24 december 2020 de voorlopige voorziening toe te wijzen, waardoor de vreemdelingen niet worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €525,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: De vreemdelingen mogen niet worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.