ECLI:NL:RVS:2020:386
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling tijdens hoger beroep verblijfsvergunning
De vreemdeling heeft bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd door de staatssecretaris. Na afwijzing door de rechtbank heeft hij hoger beroep ingesteld en verzocht om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen en opvang te verkrijgen.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 4 februari 2020 besloten dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt. Tevens is de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, die volledig bestaan uit kosten voor professionele rechtsbijstand.
Deze voorlopige voorziening beschermt de belangen van de vreemdeling gedurende de procedure en waarborgt dat hij niet onherroepelijk wordt uitgezet voordat het hoger beroep inhoudelijk is beoordeeld.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.