ECLI:NL:RVS:2020:426
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- G.T.J.M. Jurgens
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming planschade wegens bestemmingsplanwijziging woonboten
Appellant, pachter van oppervlaktewater in het Nieuwe Diep te Amsterdam, vroeg een tegemoetkoming in planschade aan omdat het bestemmingsplan "Indische buurt en Flevopark" ligplaatsen voor woonboten uitsluit, waardoor hij inkomensschade zou lijden.
Het college wees de aanvraag af, stellende dat de schade niet het gevolg is van de planologische wijziging, maar van het gemeentelijk beleid om woonboten uit de Flevohaven te verwijderen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, omdat het college met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid kon uitsluiten dat de maximale gebruiksmogelijkheden van het voorgaande plan zouden worden gerealiseerd.
Appellant voerde hoger beroep aan tegen deze uitspraak, stellende dat de rechtbank ten onrechte terugkwam op een eerder onherroepelijk oordeel en dat het beleid om ligplaatsvergunningen te weigeren niet rechtsgeldig was. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank terecht het college de ruimte gaf om haar motivering te verbeteren en dat het gemeentelijk beleid en de vergunningverlening samen de realisatie van ligplaatsen voor woonboten effectief verhinderen.
Daarmee is appellant niet in een planologisch nadeliger positie gekomen en is de afwijzing van de tegemoetkoming in planschade terecht. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming in planschade bevestigd.