Uitspraak
Datum uitspraak: 1 april 2020
BESTUURSRECHTSPRAAK
Raad van State
De Raad van State heeft in een tussenuitspraak appellanten opgedragen om gebreken in het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning voor het Windpark Koningspleij Noord te herstellen. De kern van het geschil betrof de vraag of twee woningen aan de Veerweg naar Westervoort als bedrijfswoningen bij het windpark kunnen worden aangemerkt. Verweerders stelden dat deze woningen zodanige technische, organisatorische en functionele bindingen met het windpark hebben dat zij als bedrijfswoningen gelden, waardoor afwijkende milieunormen kunnen worden toegepast.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft geoordeeld dat verweerders niet deugdelijk hebben onderbouwd dat de woningen de vereiste bindingen hebben. De woningen zijn niet binnen enkele minuten bereikbaar, het zicht op de windturbines is beperkt, en auditief toezicht is onwaarschijnlijk. Hierdoor kan de aanduiding "overige zone - woning in de sfeer van het windpark" niet gehandhaafd blijven.
Subsidiair heeft de Afdeling geoordeeld dat, indien de woningen geen bedrijfswoningen zijn, wel kan worden voldaan aan de normen voor geluid en slagschaduw door toepassing van maatwerkvoorschriften. De cumulatieve geluidbelasting is hoger dan standaardnormen, maar niet onaanvaardbaar geacht. De omgevingsvergunning blijft in stand, en de windturbines kunnen worden gerealiseerd.
De Raad van State vernietigt het bestemmingsplan, behoudt de rechtsgevolgen van de omgevingsvergunning en draagt de gemeente Arnhem op de uitspraak binnen vier weken te verwerken in het elektronisch plan. Tevens worden proceskosten aan appellanten toegekend.
Uitkomst: Het bestemmingsplan wordt vernietigd wegens onvoldoende onderbouwing van de bedrijfswoningstatus van twee woningen, maar de omgevingsvergunning blijft in stand en de windturbines kunnen worden gerealiseerd.