ECLI:NL:RVS:2021:1329
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling laten aanvraag omgevingsvergunning voor tiny house in Almere
Op 17 januari 2019 diende appellant een aanvraag in voor een omgevingsvergunning voor de bouw van een tiny house in het gebied Oosterwold te Almere. Het college stelde in een brief van 4 februari 2019 dat bepaalde gegevens ontbraken en verzocht appellant deze uiterlijk 4 maart 2019 aan te leveren. Appellant leverde de gevraagde gegevens niet binnen de gestelde termijn aan.
Het college liet de aanvraag vervolgens buiten behandeling, wat appellant aanvocht. Hij stelde dat hij impliciet om uitstel had gevraagd en dat de hersteltermijn van vier weken te kort was. Ook voerde hij aan niet geïnformeerd te zijn over gewijzigde procedures en wees op eerdere gevallen waarin uitstel werd verleend.
De Raad van State oordeelde dat het college terecht de aanvraag buiten behandeling liet omdat appellant niet expliciet om uitstel had gevraagd binnen de hersteltermijn en dat vier weken een redelijke termijn was gezien de aard van de gevraagde gegevens. De eerdere uitstelverlening in andere procedures kon niet leiden tot een ander oordeel. De rechtbank had voldoende feiten vastgesteld, ook al werd de hoorzitting niet expliciet besproken.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het college mocht de aanvraag buiten behandeling laten.