ECLI:NL:RVS:2021:150
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Afwijzing handhavingsverzoek tegen tuincentrum wegens ontbreken groothandel in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Doetinchem handhaafde de weigering om op te treden tegen een tuincentrum dat sierbestrating verkoopt, omdat niet is gebleken dat het tuincentrum als groothandel opereert, wat in strijd zou zijn met het bestemmingsplan "Dichteren-2012" dat alleen detailhandel toestaat.
Appellant, eigenaar van een aangrenzend perceel, betoogde dat het tuincentrum wel degelijk groothandel bedrijft door verkoop aan hoveniers, en dat het onderzoek van het college onvoldoende en onbetrouwbaar was. De rechtbank en de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigden dat het college onvoldoende onderzoek had gedaan, waarna het college een nieuw onderzoek liet uitvoeren door een beëdigd accountant.
De Afdeling oordeelt dat het onderzoek naar de jaren 2017 en 2018 toereikend was en dat er geen concrete aanwijzingen zijn dat het onderzoek onbetrouwbaar is, ook niet vanwege verwijderde verwijzingen naar groothandel op webpagina's. Het college mocht het onderzoek als basis nemen en concludeerde terecht dat er geen sprake is van groothandel.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van het college gehandhaafd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om handhaving te weigeren is ongegrond verklaard en het besluit gehandhaafd.