ECLI:NL:RVS:2021:1521
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaarschrift Participatiefonds
Stichting Baasis maakte bezwaar tegen het besluit van het Participatiefonds van 12 juni 2017, waarin werd bepaald dat uitkeringskosten voortvloeiend uit het beëindigde dienstverband van een voormalig werknemer niet ten laste van het fonds komen. Het Participatiefonds verklaarde het bezwaar bij besluit van 16 april 2020 niet-ontvankelijk omdat het te laat was ingediend.
Stichting Baasis voerde aan dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege langdurige ziekte van een financieel administratief medewerker en stelde dat het Participatiefonds onterecht geen toepassing gaf aan de hardheidsclausule uit het Reglement Participatiefonds. Tevens stelde zij dat het fonds door late communicatie en onjuiste doorgegeven informatie financiële problemen had veroorzaakt.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was omdat Stichting Baasis verantwoordelijk is voor tijdige bezwaarindiening, ook bij ziekte van medewerkers. De Afdeling vond de financiële situatie van Stichting Baasis niet zodanig dat toepassing van de hardheidsclausule gerechtvaardigd was. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van Stichting Baasis wordt ongegrond verklaard wegens niet-tijdige indiening van het bezwaarschrift.