ECLI:NL:RVS:2018:4070
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding uitkeringskosten na beëindiging dienstverband wegens niet-naleving meldingsplicht
Het bestuur van de stichting Algemene Bijzondere Scholengroep Amsterdam (ABSA) verzocht het Participatiefonds om vergoeding van uitkeringskosten voortvloeiend uit de beëindiging van het dienstverband van een werknemer. Het Participatiefonds wees dit verzoek af omdat ABSA niet had aangetoond dat zij had voldaan aan de verplichting om binnen vier weken na ontslag melding te doen en niet kon aantonen dat zij had gezocht naar een andere baan voor de werknemer of een outplacementtraject had gevolgd.
ABSA voerde aan dat het Participatiefonds te laat had gerappelleerd, waardoor het personeelsdossier was vernietigd en zij niet kon voldoen aan de bewijslevering. De Raad van State oordeelde dat het wachten op het rappel van het Participatiefonds en het vernietigen van de bescheiden voor rekening van ABSA komen, ook al was het rappel laat. De wettelijke bewaartermijn van vijf jaar ziet niet op het aanleveren van stukken bij een vergoedingsverzoek.
De Raad van State concludeerde dat ABSA niet had voldaan aan haar inspanningsverplichting en dat het Participatiefonds terecht het verzoek had afgewezen. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van ABSA wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot vergoeding van uitkeringskosten wordt afgewezen.