ECLI:NL:RVS:2021:1695
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- B.P.M. van Ravels
- J.M.L. Niederer
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke procedure over geluidsoverlast bij korfbalvereniging kantine in Rotterdam
Bewoners van het Reineveld en de Zuideras in Rotterdam ervaren geluidsoverlast van de kantine van korfbalvereniging OZC Overkanters, vooral tijdens feestavonden. Na meerdere klachten en een handhavingsverzoek wees de burgemeester het verzoek af, waarna de bewoners beroep instelden. De rechtbank verklaarde het beroep van enkele bewoners niet-ontvankelijk vanwege onduidelijkheid over hun identiteit, maar verklaarde het beroep van een hoofdklager gegrond en vernietigde het besluit.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vernietigt de uitspraak van de rechtbank voor zover het beroep van de andere bewoners niet-ontvankelijk werd verklaard en verklaart hun beroep gegrond. De Afdeling oordeelt dat de burgemeester onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de geluidsoverlast en niet adequaat heeft gemotiveerd. De burgemeester moet een nieuw besluit nemen waarbij actief onderzoek naar geluidsoverlast wordt verricht en toepassing van artikel 2:28, zesde lid, van de Algemene plaatselijke verordening Rotterdam 2012 wordt beoordeeld.
De Afdeling stelt een ruime termijn van zes maanden voor het nemen van het nieuwe besluit vanwege de coronacrisis en bepaalt dat tegen dit besluit alleen beroep bij de Afdeling mogelijk is. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan de bewoners vergoed. De Afdeling bevestigt dat het college van burgemeester en wethouders bevoegd is bij strijd met het bestemmingsplan, niet de burgemeester.
Uitkomst: Het hoger beroep van de bewoners wordt gegrond verklaard en de burgemeester wordt opgedragen binnen zes maanden een nieuw besluit te nemen.