ECLI:NL:RVS:2021:1715
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen aanvraag verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bij besluit van 30 maart 2021 niet in behandeling werd genomen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 18 juni 2021 ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 2 augustus 2021 besloten dat de vreemdeling niet mag worden overgedragen zolang het hoger beroep loopt. Daarnaast is de staatssecretaris veroordeeld tot het vergoeden van de proceskosten van de vreemdeling, welke geheel toe te rekenen zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Deze voorlopige voorziening is gebaseerd op eerdere jurisprudentie van de Raad van State en dient ter bescherming van de belangen van de vreemdeling gedurende de procedure. De uitspraak werd gedaan in het openbaar en ondertekend door voorzieningenrechter G.M.H. Hoogvliet en griffier M.T. Annen.
Uitkomst: De vreemdeling wordt niet overgedragen totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.