ECLI:NL:RVS:2021:1977
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep asielzaak
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 18 november 2021 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank Den Haag verklaarde het door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond in een uitspraak van 6 augustus 2021. De vreemdeling stelde hiertegen hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat de vreemdeling niet mag worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist, en dat zij recht heeft op opvang en verstrekkingen gedurende deze periode. Tevens werd bepaald dat de staatssecretaris de proceskosten van de vreemdeling, ter hoogte van € 748,00, moet vergoeden, welke kosten volledig toerekenbaar zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter A.W.M. Bijloos, in aanwezigheid van griffier N. Tibold, en uitgesproken in het openbaar op 2 september 2021.
Uitkomst: De vreemdeling mag niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet de proceskosten vergoeden.