ECLI:NL:RVS:2021:2059
Raad van State
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening planschade-uitspraak over bestemmingsplan Dorpen langs de Groote Sloot
De appellant, eigenaar van een perceel te Schagerbrug, verzocht het college om tegemoetkoming in de door hem gestelde planschade door het nieuwe bestemmingsplan Dorpen langs de Groote Sloot. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verklaarde het hoger beroep van appellant tegen een eerdere uitspraak van de rechtbank Noord-Holland ongegrond en bevestigde die uitspraak.
Appellant verzocht vervolgens om herziening van deze uitspraak op grond van artikel 8:119 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb), stellende dat de planologische verslechtering niet voorzienbaar was en dat de Afdeling zijn gronden niet had gewogen, wat zou leiden tot een oneerlijk proces. Tevens verwees hij naar het Unierecht en stelde dat de criteria voor herziening niet van toepassing zouden zijn.
De Afdeling oordeelde dat het verzoek om herziening alleen kan slagen indien nieuwe feiten of omstandigheden worden aangevoerd die voorheen niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden. Appellant bracht geen nieuwe feiten aan; de pleitnota was reeds bekend en ingediend in de eerdere procedure. De Afdeling concludeerde dat de criteria van artikel 8:119 Awb Pro cumulatief zijn en dat het Unierecht geen uitzondering maakt.
Verder stelde de Afdeling dat het niet-ontvankelijk verklaren van appellant in zijn beroep tegen het raadsbesluit niet relevant is voor de planschadeprocedure. Het verzoek om herziening werd daarom afgewezen en het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de uitspraak wordt afgewezen omdat niet is voldaan aan de criteria van artikel 8:119 Awb.