ECLI:NL:RVS:2021:2226
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging boete wegens onvoldoende bewijs valgevaar bij silkrope-act opleiding
De staatssecretaris legde een bestuurlijke boete van €27.000 op aan een stichting die hogescholen verbindt, vanwege een valongeval tijdens een silkrope-act bij een circusopleiding. De boete was gebaseerd op overtreding van artikel 3.16 van het Arbeidsomstandighedenbesluit, waarbij onvoldoende collectieve valbescherming werd geacht te zijn toegepast.
De rechtbank verklaarde het beroep van de stichting gegrond en vernietigde het boetebesluit, stellende dat de stichting voldoende maatregelen had genomen, waaronder het gebruik van een valmat en werkprocedures conform de Arbocatalogus Podiumkunsten. De staatssecretaris stelde in hoger beroep dat de mat te klein was en dat werkprocedures slechts als laatste redmiddel mogen worden toegepast.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris onvoldoende onderzoek had gedaan naar de branchepraktijk en dat de mat volgens de stichting voldeed aan de voorschriften van de branche. Ook was het valgevaar door de combinatie van maatregelen adequaat beperkt. De Afdeling bevestigde daarom het oordeel van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht werd vastgesteld. Hiermee blijft de vernietiging van de boete in stand, omdat de overtreding niet voldoende was aangetoond.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en de boete vernietigd.