ECLI:NL:RVS:2021:2283
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onbevoegdverklaring rechtbank inzake schadevergoeding parkeerconflict berm
De appellant woont aan een locatie waar bewoners van een nabijgelegen straat hun tweede auto in de berm parkeren, wat tot een conflict leidde. Na meerdere contacten met de gemeente sloot appellant een samenwerkingsovereenkomst voor het beheer van de berm, waarna hij paaltjes plaatste om parkeren te verhinderen. De burgemeester beëindigde de overeenkomst vanwege het escalerende burenconflict en het ontbreken van een parkeerverbod in de berm.
De rechtbank verklaarde zich onbevoegd om te oordelen over het verzoek om schadevergoeding, omdat appellant geen schadeoorzaak binnen het bestuursrechtelijk kader had aangewezen. In hoger beroep betoogde appellant dat de gemeente naliet handhavend op te treden tegen illegaal parkeren, wat schade veroorzaakte.
De Raad van State oordeelde dat het college, niet de burgemeester, bevoegd is tot handhaving en dat de beëindiging van de overeenkomst een privaatrechtelijke handeling betreft. De gestelde schade valt niet onder artikel 8:88 Awb Pro, zodat de bestuursrechter niet bevoegd is. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Hoger beroep ongegrond; rechtbank was terecht onbevoegd om te oordelen over schadevergoeding wegens parkeeroverlast en beëindiging overeenkomst.