ECLI:NL:RVS:2021:2339
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet-betalen griffierecht bij verzoek stoepaanpassing
Appellant verzocht het college van burgemeester en wethouders van Heeze-Leende om de stoep voor zijn woning aan te passen vanwege lichamelijke beperkingen. Het college wees dit verzoek af. Appellant stelde beroep in tegen deze beslissing, maar betaalde het griffierecht niet. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk vanwege het niet betalen van het griffierecht.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij slechts éénmaal griffierecht verschuldigd was en dat hij vanwege zijn AOW-uitkering niet in staat was het griffierecht te betalen, verwijzend naar artikel 17 van Pro de Grondwet. De Raad van State oordeelde dat appellant geen tijdig beroep op betalingsonmacht had gedaan en dat de rechtbank terecht het beroep niet-ontvankelijk had verklaard.
De Raad van State benadrukte dat heffing van griffierecht niet mag leiden tot ontzegging van toegang tot de rechter, maar dat dit alleen geldt indien tijdig een beroep op betalingsonmacht wordt gedaan. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wegens niet-betalen griffierecht bevestigd.