ECLI:NL:RVS:2021:2406
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A. Verburg
- H.G. Sevenster
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsdocument gemeenschapsonderdaan wegens onvoldoende hoorzitting
De vreemdeling, met de Ghanese nationaliteit, verzocht op 14 mei 2019 om een verblijfsdocument als gemeenschapsonderdaan voor verblijf bij zijn vader in Nederland. De staatssecretaris wees dit verzoek op 6 december 2019 af, omdat niet was aangetoond dat de vreemdeling niet in staat was in Ghana in zijn basisbehoeften te voorzien en derhalve ten laste kwam van zijn vader. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond.
De vreemdeling stelde in hoger beroep dat hij ten onrechte niet in een hoorzitting in bezwaar was gehoord over zijn behoeftige omstandigheden. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de staatssecretaris ten onrechte van het horen heeft afgezien, omdat de feiten en omstandigheden onvoldoende duidelijk waren. Er had nader onderzoek moeten plaatsvinden, mede omdat het rechtmatig verblijf van de vreemdeling in Spanje en Nederland tot zijn eenentwintigste verjaardag mogelijk zonder toetsing aan het 'ten laste komen' criterium was.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van de staatssecretaris, verklaarde het hoger beroep gegrond en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten. Het griffierecht werd niet vergoed omdat dit niet was geheven.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het besluit tot afwijzing van het verblijfsdocument wordt vernietigd en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.