ECLI:NL:RVS:2021:2683
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging parkeerverbodszone op bedrijventerrein Harnaschpolder ter waarborging verkeersveiligheid
Het college van burgemeester en wethouders van Midden-Delfland stelde op 19 juni 2019 een parkeerverbodszone in op het bedrijventerrein Harnaschpolder, waaronder de wegen Harnaschdreef, Peulsdreef, Sionsdreef en Vrij-Harnasch. Gaia e.a., eigenaar en gebruiker van een kantorencomplex op het terrein, maakte bezwaar tegen dit besluit. Na handhaving van het parkeerverbod door het college en een ongegrondverklaring van het bezwaar, verklaarde de rechtbank Den Haag het beroep van Gaia e.a. ongegrond.
Gaia e.a. stelde in hoger beroep dat het parkeerverbod onterecht is, met name omdat het deel Vrij-Harnasch zich onderscheidt van andere delen en de stroken langs de weg geen trottoirs zijn. Zij voerden aan dat het college onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de noodzaak en dat de belangenafweging onzorgvuldig was. De Raad van State oordeelde dat het college terecht de verkeersveiligheid, bruikbaarheid van de weg en bescherming van voetgangers als belangen heeft meegewogen en dat de beperkte breedte van de wegen en het gemengd verkeer een parkeerverbod rechtvaardigen.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het college de belangen voldoende inzichtelijk heeft afgewogen en dat het parkeerverbod niet onevenredig nadelig is voor Gaia e.a. De Raad van State bevestigde dat het college niet gehouden was Gaia e.a. bij de voorbereiding te betrekken en dat de bezwaarprocedure zorgvuldig is verlopen. Het hoger beroep van Gaia e.a. werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het parkeerverbod op het bedrijventerrein Harnaschpolder wordt bevestigd en het hoger beroep van Gaia e.a. wordt ongegrond verklaard.