ECLI:NL:RVS:2021:2959
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- C.C.W. Lange
- B. Meijer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en toekenning schadevergoeding bij vrijheidsontnemende maatregel vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid legde op 19 augustus 2021 een vrijheidsontnemende maatregel op aan de vreemdeling. De rechtbank Den Haag verklaarde het daarop ingestelde beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze oordeelde dat het hoger beroep gegrond is, mede op basis van een recente uitspraak over voortvarend handelen bij grensdetentie. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd en het beroep gegrond verklaard.
Omdat de vrijheidsontnemende maatregel inmiddels is opgeheven, was een bevel tot opheffing niet nodig. De vreemdeling kreeg recht op een schadevergoeding van € 1.200 over de periode van 28 augustus tot en met 8 september 2021. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van € 1.496, toe te rekenen aan rechtsbijstand.
De uitspraak werd gedaan door voorzitter E. Steendijk en leden C.C.W. Lange en B. Meijer, met griffier M.T. Annen. De voorzitter was verhinderd de uitspraak te ondertekenen.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de vreemdeling krijgt een schadevergoeding van € 1.200 toegekend.